RNP-nadering naar baan 32 op Kos met een A321neo
Vanuit de cockpit van een Airbus A321neo volg je een RNP-nadering met LPV-minima naar baan 32 op het Griekse eiland Kos. De Nederlandse bemanning werkt de checklists af en praat tussendoor over het eiland.
VOLGENDE STAP · ANTWOORDHet fluitgeluid van de A320neo-familie tijdens de approachHet antwoord uit de kennisbank, met bronnenDe video uitgelegd
Op het kanaal mightymkl vliegt een Nederlandse bemanning met een Airbus A321neo naar Kos. Volgens de beschrijving is het een RNP-nadering met LPV-minima naar baan 32. Door het mooie weer waren die minima niet nodig. Met het toestel waarop de vlieger eerder vloog, was zo'n nadering volgens hem niet mogelijk. De video is opgenomen vanuit de cockpit, met het gesprek tussen de vliegers en het radioverkeer.
Navigatie en een praatje over Kos
De video begint met de voorbereiding van de navigatie. De bemanning gebruikt een radiaal van 290. Op de Boeing was dat makkelijker, vertelt een van de vliegers: daar voerde je een positiepunt in en zag je het meteen op je display. In de Airbus moet je met een bearing werken en meer rekenen. Ze zijn er niet heel snel in, zeggen ze, maar hoeven zich bijna nooit te haasten. Tussendoor vertelt een van hen over een vakantie op Kos, negentien jaar geleden. De stranden aan de noordkant lopen geleidelijk af en de zee is er meestal rustig, wat fijn is voor kinderen. Het water noemt hij lichtblauw, bijna Caribisch. Het strand in het zuiden bestaat volgens hen uit donkergrijs grind.
Daling en checklists
Athene Radar geeft de bemanning toestemming om direct naar het punt MORIX te vliegen en te dalen naar 4.000 voet op QNH 1006. Daarna volgt de klaring voor de RNP-nadering naar baan 32 via MORIX. De vliegers controleren de ingestelde hoogte en het QNH en werken de checklist af: barometrische referentie op QNH 1006, gordels aan, minimum baro 630, een droge baan en de autobrake op low. Het vliegveld ligt links van het toestel. Bij het activeren van de naderingsfase gaan de kleppen naar stand 1 en later naar 2.
Nadering en landing
De bemanning let erop dat het toestel het glijpad oppakt en niet op 3.000 voet blijft hangen. Toch vlakt het even af, wat de vliegers met een lach opmerken. Dan volgen het landingsgestel, kleppen 3 en kleppen full. Vanaf daar vliegt de vlieger met de hand. De go-around-hoogte wordt op 3.000 voet gezet en de landingschecklist is compleet. Op de achtergrond vraagt een ander toestel om een vertrekklaring. Na de landing grappen de vliegers over twee landingen voor de prijs van één, omdat een van de wielen nog even omhoog ging. Ze taxiën naar de terminal en werken de after-landing-checklist af. Het toestel staat precies op tijd aan de gate.