Video's

Arcus J zweefvliegtuig met straalmotor: rondleiding

Trent Palmer · 19:00Nieuws
Originele titel: This Isn't Your Average Glider
11:32VOLGENDE VIDEOZweefvliegtuig Zwitserland naar Griekenland: Yves Gerster

De video toont een rondleiding langs een zweefvliegtuig met straalmotor. De maker en de piloot bespreken uitrusting, prestaties en bediening.

De video uitgelegd

De video begint met een rondleiding langs een Schempp-Hirth Arcus J, een Duits zweefvliegtuig met straalmotor. De maker loopt met de piloot langs het toestel en noemt een vleugelspanwijdte van 20 meter, een leeftijd van ongeveer acht jaar en de letter J voor de straalmotor. Volgens de piloot gaat alles bij het zweefvliegtuig om het minimaliseren van de weerstand. Hij toont spleetafdichtingen, vleugeltippen en verlichting voor nachtvliegen. De accu's bestaan uit drie accu's van 30 ampère, omdat er geen verwarming, luchtconditionering of autopilot aanwezig is.

Remkleppen, flaps en snelheid

De piloot laat de remkleppen uitkomen en noemt ze het weerstandshulpmiddel. Hij zegt dat het glijgetal minstens 50 op 1 is en dat het toestel met ingetrokken remkleppen ongeveer 100 ft per minuut daalt. Met de remkleppen uit kan dat ongeveer 3.000 ft per minuut worden. Hij noemt ook een automatisch flapsysteem dat op basis van gegevens zoals G-kracht, snelheid en luchtdruk de flaps regelt. In een thermiekbel wil de piloot meestal naar bijna de minimale daalsnelheid, ruwweg 50 tot 55 kt, omdat een hogere snelheid een scherpere bocht vraagt om in de kern van de thermiekbel te blijven.

Cockpit, instrumenten en nachtvliegen

In de cockpit wijst de piloot op een transponder, radio, hoogtemeter en een LX9000-vluchtcomputer. Deze computer kent de prestaties van het zweefvliegtuig, berekent wind, bevat een terreindatabase en een luchthavendatabase en toont of een luchthaven binnen bereik van de glijvlucht ligt. Er zijn ook houdings- en koersweergaven aanwezig. De piloot gebruikt ze als reserve bij nachtvliegen met nachtzichtbrillen. Hij legt uit dat hij geen ontijzing of anti-ontijzing heeft en de brillen gebruikt om wolken en zichtbaar vocht te zien, de locatie van een berggolf of stijgwind te herkennen en ongeverlichte banen of droge meren te landen.

Motor, zelfstart, zuurstof en accu’s

De piloot laat de pyloon voor de motor omhoogkomen en noemt een tsjechische turbostraalmotor van ongeveer 39 pond met ongeveer 260 pond stuwkracht. De zelfstart kan tot 4.000 meter, ongeveer 13.000 ft. Na een start van tien tot twaalf minuten gebruikt hij ongeveer vijf gallon brandstof. De motor kan opnieuw starten, maar daarvoor moeten de uitschuifmechanismen werken en moet er genoeg accuspanning zijn. Hij noemt een kleine kans dat de start niet werkt en zegt dat het zweefvliegtuig altijd binnen glijbereik van een geschikt veld, luchthaven of droog meer moet blijven. Er zijn vier zuurstofflessen, drie accu’s van 30 ampère achter de achterste piloot, een aparte EarthX-accu voor de motor en zonnepanelen die volgens hem weinig bijdragen.

Variometer, gieren, gewicht en start

De piloot wijst op een variometer die met een totale-energiesonde, pitot- en statische gegevens en inertiale gegevens de luchtmassa buiten het toestel weergeeft via pieptonen. Een hogere toon geeft volgens hem snellere en sterkere stijgwind aan. Hij noemt de gierenstreep een belangrijk instrument, omdat het korte romp en de lange vleugel veel richtingsroer vragen om de luchtstroom recht over de vleugels te houden. Het zweefvliegtuig weegt ongeveer 1.100 pond, heeft een maximaal gewicht van ongeveer 1.600 pond en een maximumsnelheid van 151 kt. Bij de start met de vleugel omlaag komt de vleugel omhoog bij ongeveer vijf tot zeven kt, verlaat het toestel de grond rond 65 kt en klimt het aanvankelijk met ongeveer 600 tot 700 ft per minuut.

Zoek in het transcript

ALLEEN FRAGMENTEN VAN ± 20 SECONDEN · VOLLEDIGE TEKST WORDT NIET GEPUBLICEERD (AUTEURSRECHT)
Vraag over deze video