Wat gebeurde er met vlucht AF296 bij Habsheim?
Bijgewerkt do 13:02 · 3 bronnen
3 bronnen verwerkt
Air France-vlucht 296 (AF296) was een Airbus A320 die op 26 juni 1988 tijdens een lage passage op de vliegshow van Mulhouse-Habsheim in Frankrijk de bomen achter de baan raakte en in het bos neerkwam; van de 130 passagiers en zes bemanningsleden kwamen 3 passagiers om bij de brand1. Bij vlucht AF296 kwamen 3 passagiers om in de brand; 34 passagiers werden naar het ziekenhuis gebracht en 93 passagiers bleven ongedeerd1.
DODEN3
PASSAGIERS AAN BOORD130
NAAR ZIEKENHUIS34
HOOGTE PASSAGE30 voet
Het antwoord in 5 onderdelen
Air France-vlucht 296 was op 26 juni 1988 een chartervlucht met passagiers vanaf Basel-Mulhouse, waarbij op verzoek van de vliegclub van Mulhouse een lage passage over het vliegveld van Habsheim als onderdeel van een vliegshow was gepland1. Het toestel van vlucht AF296 was een Airbus A320 met registratie F-GFKC, die op 24 juni 1988 aan Air France was afgeleverd en pas ruim 22 vlieguren had gemaakt1. Bij vlucht AF296 vloog de Airbus A320 met uitgeschoven landingsgestel en kleppen op ongeveer 30 voet hoogte over baan 34R van Mulhouse-Habsheim, met de motoren stationair en een steeds grotere invalshoek1. Tijdens de doorstart van vlucht AF296 raakte de staart van de A320 de bomen kort na het einde van de baan; het toestel zakte in het bos, kwam tot stilstand en vloog direct in brand1. De cabinebemanning van vlucht AF296 begon direct met de evacuatie via de linker voor- en achterdeur van de A320; de evacuatie verliep achterin beter dan voorin1.
Bij vlucht AF296 kwamen 3 passagiers om in de brand; 34 passagiers werden naar het ziekenhuis gebracht en 93 passagiers bleven ongedeerd1. Van de bemanning van vlucht AF296 kwam niemand om: 2 bemanningsleden raakten gewond en 4 bleven ongedeerd. Op de grond vielen geen slachtoffers1. Volgens het eindrapport over vlucht AF296 gaf 50% van de passagiers die een vragenlijst invulden (49 personen) aan dat zij met het hoofd tegen de stoel voor hen waren geslagen1.
De onderzoekscommissie stelde voor vlucht AF296 vast dat de A320 luchtwaardig was en dat er geen storing aan toestel of systemen was die aan het ongeval bijdroeg; de motoren reageerden normaal en volgens de certificatie-eisen1. Volgens het eindrapport over vlucht AF296 kwam het ongeval voort uit een combinatie van een zeer lage passage onder de hoogte van omliggende obstakels, een zeer lage en afnemende snelheid, motoren op stationair vermogen en het te laat geven van doorstartvermogen1. Bij vlucht AF296 was het vliegveld laat herkend, waardoor de daling te kort was; toen 100 voet werd bereikt, daalde de A320 nog met ongeveer 600 voet per minuut1. Toen bij vlucht AF296 vol vermogen werd gegeven, bedroeg de invalshoek 15° en de snelheid 122 knopen; omdat de radiohoogtemeter onder 100 voet aangaf, was de automatische Alpha Floor-bescherming niet actief1. De commissie noemde voor vlucht AF296 als bijdragende factoren onder meer een onvoldoende vluchtvoorbereiding met een korte en late briefing, een onvolledige taakverdeling in de cockpit en het feit dat geen van beide piloten ervaring had met demonstratievluchten1. De onderzoekscommissie keurde het eindrapport over vlucht AF296 op 29 november 1989 goed; een voorlopig rapport ging op 28 juli 1988 naar de minister van Transport1.
Na vlucht AF296 beval de onderzoekscommissie aan om vluchten voor vliegshows zonder passagiers en met een minimale bemanning uit te voeren1. Na vlucht AF296 beval de commissie aan dat bemanningen voor demonstratievluchten een speciale, aangepaste training krijgen, en dat A320-piloten beseffen dat prestatiegrenzen blijven gelden ondanks de automatische beveiligingen1. Omdat bij vlucht AF296 beide vluchtrecorders vrijwel tegelijk stopten, waarschijnlijk door breuk van hun voedingskabels in dezelfde kabelbundel, beval de commissie aan de kabelroutes van gescheiden recorders ook te scheiden1. Omdat bij vlucht AF296 11 passagiers moeite hadden hun gordel te openen, beval de commissie aan het openen van de gordel bij elke veiligheidsdemonstratie te laten zien1. Bij vlucht AF296 konden de brandweervoertuigen het wrak moeilijk bereiken; pas 10 minuten later arriveerde de eerste groep van 8 voertuigen, waarna de commissie aanbeval toegangswegen bij vliegshows vrij te houden1. In maart 1997 veroordeelde een rechtbank in Colmar de gezagvoerder van de Air France-A320 die in 1988 bij Habsheim verongelukte, tot zes maanden gevangenisstraf en 12 maanden voorwaardelijk; de copiloot kreeg 12 maanden voorwaardelijk en drie anderen, onder wie functionarissen van Air France en de voorzitter van de vliegclub, eveneens voorwaardelijke straffen2. Op 9 april 1998 veroordeelde het hof van beroep in Colmar de gezagvoerder van vlucht AF296 voor onopzettelijke doodslag en verwonding tot twintig maanden, waarvan tien onvoorwaardelijk; hij ging daarna in cassatie3.
De crash van de Air France-A320 bij Habsheim was volgens het Associated Press een van de eerste demonstraties van de nieuwe A320 in Frankrijk, kort nadat het type in 1988 in dienst was gekomen2. De gezagvoerder van vlucht AF296 bleef volhouden dat het toestel niet goed op zijn commando's reageerde en betwistte de echtheid van de vluchtrecorders; de vluchtrecorder vertoonde volgens de rechtsgang geen afwijkingen3.
IN DE ONGEVALLENDATABASE