De bemanning van Belavia-vlucht 1834 zag na inspectie af van de aangeboden anti-ijsbehandeling en schakelde voor de start alleen de ijsbescherming van de motorinlaten in, niet die van de vleugels
2. Bij het vertrek van Belavia-vlucht 1834 was het min 3 graden met een dauwpunt van min 4 graden
2. Het MAK concludeerde dat Belavia-vlucht 1834 verongelukte door asymmetrisch verlies van draagkracht van de vleugel, waardoor het toestel direct na het loskomen overtrok en de linkervleugel de grond raakte
2. Volgens het MAK kwam het verlies van draagkracht bij Belavia-vlucht 1834 door rijp op de vleugel, zeer waarschijnlijk ontstaan doordat de brandstof in de tanks na de vlucht op kruishoogte nog koud was
2. Het MAK stelde dat een te snelle rotatie van Belavia-vlucht 1834 met een verontreinigde vleugel de situatie kan hebben verergerd, en dat vleugelijsbescherming en een anti-ijsbehandeling het ongeval waarschijnlijk hadden kunnen voorkomen
2. Het onderzoek naar Belavia-vlucht 1834 werd geleid door het Interstate Aviation Committee met vertegenwoordigers van Armenië, Belarus, TSB, NTSB, Transport Canada, Bombardier en General Electric; het werd afgerond op 6 augustus 2009
2.